vrijdag 5 oktober 2012

De Nuinhof door Jos Habets



Jos Habets beschrijft in zijn boek uit 1880:


de historie van het Nieuwenhof (de Nuinhof)  te Nuth.


De ruim 500 jaar oude hoeve (eerste  vermelding 1381)  werd in 1934 afgebroken om plaats te maken voor de aanleg van de Autoweg (nu A76).

De hier gegeven samenvatting  is gebaseerd op de inhoud van het betreffende hoofdstuk in het boek van Jos Habets.

De hoeve is onder meerder namen bekend en aangeduid, zoals:  Nieuwenhof,  Nuwenhoff, Nuenhof, Nova villa, Nova  curia en Curtis nova. Tegenwoordig is de meest bekende aanduiding "Nuinhof"

Habets beschrijft de ligging in 1880 als volgt: "...ten Oosten van Nuth, ongeveer tegenover het huis de Dael, maar aan de overkant van de landweg..."  en die beschrijving illustreert  hoe weinig  bebouwing er in die tijd in Nuth was.

Kaart Nuth 1862
Op boven staande kaart uit 1862 is te zien hoe De Dael en De Nuinhof,  los van de Nuthse dorpskern,  links en rechts van "de landweg"  van Nuth naar Vaesrade liggen.  

Ter oriëntatie naar de huidige situatie is op het kaartje hiernaast de toenmalige ligging van de Nuinhof bij benadering aangegeven. De Nuinhof strekte zich uit van de plek waar nu de snelweg over de Nuinhofstraat gaat tot aan de geleenbeek.



Rond 1380 zou  "De Nuinhof" een achterleen van het huis van Valkenburg genoemd mogen worden. In die tijd was de Nuinhof leen verschuldigd aan het adellijke huis van Merkelbeek welk op haar  beurt leen moest betalen aan het huis van Valkenburg.
In 1381 was Johan Printhagen eigenaar van de leenroerige  "Nuinhof"  waartoe ook de leenroerige "grote Tiende van Nuth"  behoorde.
De inwoners van de parochie Nuth betaalden in die tijd  10% belasting aan eigenaar van de Nuinhof. Voor die tijd moest de belasting betaald worden aan de familie van den Bongart te Wijnandsrade.

Op 12 augustus  1419 verkoopt Waleram van Printhagen "De Nuinhof" (met alle bijbehorende rechten en plichten) voor 1535 Rijnsche gulden aan de Deken en het Kapittel der Kerk van Onze Lieve Vrouw te Aken: "met synen hovereyden, huysinge, ackerland, bembden, weyden, weyeren, leenene, mannen, laten, cynsen, capuynen"enz. (personeel en vetgemeste hanen worden in een adem genoemd)

Het Kapittel kon de koop van de "Nuinhof en tiende van Nuth"  betalen met gelden uit een "schenking" waaraan als voorwaarde verbonden was dat  de opbrengsten uit die schenking (dus ook de opbrengsten van de Nuinhof)  voor 2/3 aan de Deken en voor 1/3 aan het kapittel gingen.

Op 30 maart 1420 ruilt de Deken zijn recht op 2/3 deel van de opbrengsten op de Nuinhof met  de rechten op landgoederen bij Aken en Eupen en is het kapittel volledig bezitter van de Nuinhof (met bijbehorende rechten en plichten)

De belasting (de grote Tiende) die de inwoners van de parochie Nuth aan de Nuinhof moesten betalen werd  verdeeld tussen het kapittel (2/3)  en de pastoor van Nuth(1/3).  Bovendien kreeg de pastoor van Brunsum elk jaar nog 5 vaten meel.

Deze situatie met het kapittel van Aken als eigenaar en opeenvolgende pachtboeren op de Nuinhof blijft ruim 300 jaar voortbestaan tot de Franse revolutie. In 1794 wordt de Nuinhof publiekelijk geveild en verkocht aan Werner Joseph Wolff (vrederechter te Oirsbeek). Wolff verkoopt de Nuinhof enige jaren  later aan Jan Frans Kerckhoffs uit Grijzegrubben.

Jan Frans Kerckhoffs  was schepen/burgemeester en arts te Nuth . Een van zijn kinderen is Joseph, Romain, Louis Kerckhoffs. Hij was vooraanstaand arts in het leger van Napoleon en na 1815 oppergeneesheer der Nederlandse krijgshospitalen. Van zijn hand verschenen talrijke publicaties ter bevordering van de (militaire) geneeskunde en bestrijding van de kwakzalverij.

In 1880 was de Nuinhof verdeeld in twee hofsteden.

Voor een meer gedetailleerde beschrijving, ook van de latere periode,  wordt verwezen naar het hoofdstuk  "De Nuinhof "  geschreven door Miel Bruls in zijn boek "Mensen van Nuth"

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen